20 februari keerde Monk terug naar Whitehall en
zag het gedrag van de Romp als een persoonlijke aanval op hem.
21 februari stuurde hij een brief naar de Romp, waarin hij eiste dat de open plekken
van het Lagerhuis moesten worden opgevuld en de Romp moest zichzelf opheffen.
De brief werd gedrukt en gepubliceerd, waarna hij de burgemeester en de wethouders
bij hem ontbood in de Guildhall en hij marcheerde weer de stad binnen.
Maar deze keer was zijn boodschap een vreedzame en na de bijeenkomst verklaarden
de wethouders, dat Monk vóór een vrij Parlement was.
In een oogwenk waren de straten het toneel van grote vreugde. Overal in London werden
vreugdevuren aangestoken, stukken vlees werden publiekelijk geroosterd als bespotting
van het Romp Parlement. De stedelingen trakteerden de soldaten en er werd openlijk
gedronken op de gezondheid van Charles.
Alle nog levende leden van het Long Parliament werden opgeroepen en Monk gaf ze een
document waarin stond, dat de natie nu in hun handen lag. Hij wilde een Commonwealth
en een gematigd Presbyterianisme, als de meest bevredigende vorm van regering voor
Staat en kerk. Het oude Parlement moest zich zo snel mogelijk opheffen en een nieuw
Parlement bij elkaar roepen.
Vier dagen later kwamen de leden naar het Lagerhuis. Zij bevestigden en vergrootten
de opdracht van Monk, ze schoonden de lokale milities op, maakten vrede met de steden
door ze zelf controle te geven over hun milities. De poorten van London zouden op
staatskosten worden hersteld en ze schreven een verkiezing van een Nieuw Parlement
uit, dat op 5 mei 1660 zou aantreden.
Het Oude Parlement hief zichzelf op 26 maart op.
De Royalisten hadden de voortgang van Monk met weifelende gevoelens bekeken. Maar
Monk was tegen de Eed van Afzwering en luisterde aandachtig naar de argumenten voor
het herstel van de monarchie.
Het was Sir John Grenville, die uiteindelijk de brief van Charles aan Monk gaf.
29 maart werd Grenville in het geheim naar St. James gebracht en onverwacht door
Monk medegedeeld, dat Grenville was uitgekozen als de boodschapper om Charles uit
te nodigen terug te keren, mits hij kon afzien van geloofsbrieven, omdat de uitnodiging
niet op papier zou worden gezet.
Er moesten wel enkele procedures worden gevolgd en Monk voegde daar aan toe dat Charles
onmiddellijk Vlaanderen moest verlaten en al zijn publieke documenten moest dateren
vanuit Breda.
31 maart vertrok Charles met Ormonde, Grenville, en Armorer vanuit Brussel naar Breda.
(Bron tekst: The Travels of the King, Charles II in Germany and Flanders 1654-1660
by Eva Scott). |